'Flauw', 'laf', 'smakeloos': zonder zout smaakt eten heel anders. De woorden die dat omschrijven spreken dan ook boekdelen. Zout maakt eten lekker, maar helaas ook het lijf ongezond.
De maatschappij is verslaafd aan zout: het zit in vrijwel elk product dat kant-en-klaar te koop is, zelfs die waarin je het niet zou verwachten, zoals zoete drop en koekjes. Beruchte leveranciers van zout zijn brood, kaas, maaltijdsalades, soepjes, pastasauzen, pizza's en andere hartige snacks.
De lijst van kwalen die samenhangen met een te hoge zoutconsumptie is aanzienlijk. Onder andere maagkanker, botontkalking en niet te vergeten hartziekten en nieraandoeningen kunnen het gevolg zijn van langdurig te veel zout in het eten.
Er is inmiddels een heuse anti-zoutlobby actief. Ook de politiek is bewust gemaakt van de negatieve gevolgen van de te hoge gemiddelde zoutinname. Het streven is nu de natriumgehaltes van supermarktproducten te verlagen, wat zomaar een paar duizend doden per jaar kan schelen. Daarnaast zou iedereen zelf ook een beetje meer kunnen letten op de hoeveelheid zout die op het dagelijkse menu staat.
[Let op! Natriumgehalte is niet hetzelfde als zoutgehalte, daar is wat rekenwerk voor nodig. Vermenigvuldig de vermelde hoeveelheid natrium met 2,5 om het zoutgehalte te krijgen.]





